Terug naar de oorsprong: Geschiedenis en voorgeschiedenis bij Jean Rouaud

Terug naar de oorsprong. Geschiedenis en voorgeschiedenis bij Jean Rouaud, in Tirade, Amsterdam, G.A.van Oorschot, vol.55, No 1 (2011), 70-81.

paard_lascaux[1]In 1996 verscheen van Jean Rouaud (1952)  onder de titel Le paléo circus een mooi geïllustreerd verhaal over het ontstaan van prehistorische rotstekeningen. Rouaud voert een groep jagers ten tonele die ‘s avonds in de beschutting van een grot tot hun verbazing en ook ergernis vrouwen en kinderen aantreffen rond de tweederangsleden van de gemeenschap, de sjouwers. Deze steken gloedvolle verhalen af over de avonturen waarvan zij getuige zijn geweest. Het publiek hangt aan hun lippen en heeft voor de echte helden maar weinig aandacht. Op de achtergrond, in de schaduw, luistert ook een gebochelde verschoppeling mee. Hij wordt getolerereerd maar meer ook niet, en is, wanneer hij zich een voorstelling wil maken van de avonturen van de anderen, op zijn verbeelding aangewezen. Op een goede dag tekent hij, in de ban van een van de jachtverhalen, op de stoffige bodem van de grot de omtrek van een mammoet. Verbouwereerd staart hij naar zijn schepping, veegt hem uit, en herhaalt de beweging. De homo sapiens blijkt ook een homo ludens te zijn.

Verwante literatuur:

  • Jean-Jacques Salgon, Parade sauvage, Verdier 2016.
  • Pierre Michon, La grande Beune,  Verdier, 1997.

Link : www.tirade.nl

I